Robert Morris en de vrije horizon: hoe zijn Observatorium een blijvend thuis vond in Lelystad

Het plaatsen van tunneldelen in februari 1977. Foto: Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders

Deel 87 gaat over de band van de Amerikaanse kunstenaar Robert Morris met Lelystad.

Afgelopen zondag, 21 juni, was de zomerzonnewende. Het was de langste dag en kortste nacht van het jaar en het officiële begin van de astronomische zomer. Vroege vogels konden door de linker viziersteen van het Observatorium tussen Lelystad en Swifterbant de eerste stralen van de zomerzon zien.

Het eerste landschapskunstwerk van Flevoland

Het Observatorium van de Amerikaanse kunstenaar Robert Morris verrees in 1977 op kavel G64 en was daarmee het eerste landschapskunstwerk van Flevoland. Een eerdere tijdelijke versie van Observatorium stond in Velsen, waar het in 1971 was gebouwd in het kader van de tentoonstelling Sonsbeek buiten de perken , die de land art in Nederland op de kaart zette.

‘Meer schaal’ in de polder

Al bij zijn eerste bezoek aan de kavel bij Lelystad zag Robert Morris de kwaliteiten van de nieuwe plek: ’Alles vind ik goed, het terrein en de manier hoe je er op af komt’, zei hij op 23 februari 1977 in een interview in museum Nieuw Land, de voorloper van het huidige Museum Batavialand. Volgens Morris paste het kunstwerk veel beter in het open polderlandschap dan op de eerdere locatie, omdat het ’meer schaal’ heeft, wat hij als een belangrijk voordeel beschouwde.

Interview met kunstenaar Robert Morris (links), gehouden op 23 februari 1977 in 'De Driekap' (museum Nieuw Land) in Lelystad. Foto: Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders

Een vrije oostelijke horizon

Als hoofdreden voor de keuze van de locatie noemde Morris ’het feit dat de oostelijke horizon vrij is, wat in Velsen niet het geval was’. Hierdoor kreeg het Observatorium een sterkere relatie met het landschap en de beweging van de zon. Daarnaast merkte de kunstenaar op dat het werk zich in de polder duidelijker manifesteert: ’Ook qua profiel tekent het zich daar af in het landschap. Het is scherper en duidelijker dan in Velsen’.

‘Genoeg ruimte en lucht’

Hoewel het strakke polderlandschap door de mens is ingericht, zag Morris dit niet als een bezwaar. ’Ik vind dat er hier genoeg ruimte en lucht is’. Juist die openheid vond Morris essentieel voor het werk. Waar de eerste versie in Velsen ’ingebouwd’ was, zou het nieuwe, grotere Observatorium dankzij de vrije horizon een veel krachtiger effect hebben.

Bijna 50 jaar later is de horizon niet meer helemaal vrij. De in 2012 gereedgekomen Hanzelijn loopt vlak langs het Observatorium. De portalen van de bovenleiding verstoren het vrije zicht op de zonsopkomst in de winter.

Robert Morris

De Amerikaanse kunstenaar Robert Morris (1931-2018) was theoreticus, criticus, beeldhouwer, choreograaf en maker van land art. Morris behoorde tot de abstracte kunststroming minimal art. In de jaren zestig bestormde hij de kunstwereld met rechthoekige sculpturen, gemaakt van industriële materialen als staal, glas of hout. Hoewel de minimalisten zich nooit als hechte groep presenteerden, hadden ze grote invloed op de naoorlogse beeldhouwkunst. Morris is 87 jaar geworden en bleef tot aan zijn overlijden actief als kunstenaar.

Robert Morris in het Observatorium in aanbouw, februari 1977. Foto: Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders.
fout: Content is protected !!