Actievoerders tegen sluiting Markerwaarddijk wachten tevergeefs op Kamerleden

De sluitsteen, die nogal was verwaarloosd door de dijkbeheerder, is in 2015 door de Fietsersbond geadopteerd en in onderhoud genomen. Foto: Ton ten Brinke

Deel 66 gaat over een mislukte stunt.

‘Hier werd op donderdag 4-9-1975 om 10.30 uur de dijk gesloten’. Deze tekst staat op de sluitsteen die op die dag – morgen precies 50 jaar geleden – door prins Claus werd geplaatst ter hoogte van hectometerpaal 68.3 op de Markerwaarddijk. Met een laatste hap keileem werd op die dag het Zuiderzeeproject afgesloten. Dat kunnen we nu zeggen, met de wijsheid achteraf. Want de nieuwe dijk, die 200 miljoen gulden (90.756.000 euro) heeft gekost, vormde toen nog de opmaat naar de inpoldering van de Markerwaard.

Toen op 14 december 1976 de weg op de dijk werd geopend – opnieuw door prins Claus – werd zelfs met spoed om inpoldering gevraagd door Roel de Wit, de Commissaris der Koning van Noord-Holland. ‘Dit zal een stimulans zijn voor de werkgelegenheid’.

Met het afvuren van een miniatuurkanon stelt Prins Claus de Markerwaarddijk op 14 december 1976 in gebruik. Foto: Fotocollectie RIJP; Jaap Potuyt

Tegenstanders

Dat de inpoldering van de Markerwaard ook op tegenstand kon rekenen, bleek die dag uit de schepen met spandoeken bij het Krabbersgat in Enkhuizen. Daarop stonden protestteksten, zoals ‘Rijksflaterstaat’. Het denken over de bestemming van deze toekomstige laatste polder was gaan veranderen. Tegenstanders zoals de stichting Markerwaard van de kaart en de in 1972 opgerichte Vereniging tot Behoud van het IJsselmeer (kortweg IJsselmeervereniging) kregen de opkomende milieubeweging mee.

De IJsselmeervereniging verzette zich tegen de inpoldering van de Markerwaard, om de volgende redenen: de grond was niet meer nodig voor landbouw of stedenbouw, het Markermeer is een belangrijk leefgebied voor watervogels, het gebied heeft landschappelijke en recreatieve waarden, het Markermeer kan dienen als zoetwatervoorraad en het milieu zou te veel schade oplopen door de drooglegging.

Bezetting van de dijk

Ruim twee jaar voor de sluiting van de dijk, op 12 juli 1973, hadden vijftig leden van de IJselmeervereniging ‘s ochtends in alle vroegte het noordelijke dijkvak, vlakbij de opening in de dijk, bezet. Met deze stunt wilden zij aandacht vragen voor hun standpunt. Vier Kamerleden, Karel Nagel en Rie de Boois (PvdA), Bram van der lek (PSP) en Jaap Scherpenhuizen (VVD) waren door de IJsselmeervereniging uitgenodigd om hierover van gedachten te wisselen. De politici waren die morgen in Amsterdam aan boord van een klipper gestapt, die ze naar de actievoerders zou brengen. Ze zouden hun bestemming echter nooit bereiken. Tegenwind, buien en een af en toe flinke deining waren de oorzaak dat de klipper uiteindelijk om vijf uur afmeerde in Lelystad-Haven. Drie kamerleden waren toen al zo zeeziek dat ze afhaakten. Alleen Karel Nagel (PvdA) zette door, maar toen hij per stoomsleepboot bij het dijkgat aankwam, was daar niemand meer.

Inpoldering definitief afgeblazen

Hoewel de stunt mislukte, trokken de actievoerders uiteindelijk aan het langste eind. In 1986 werden de inpolderingsplannen stilgelegd en in 2003 zijn de plannen om het Markermeer in te polderen definitief afgeblazen, omdat dit te veel negatieve gevolgen heeft voor de vogelstand. Ook kon het leiden tot een verdroging van het vasteland.

'Stunt IJsselmeerclub mislukt'. Bron: de Volkskrant, 13 juli 1973
fout: Content is protected !!