Gruijters was een kattenmens

Portret van Hans Gruijters. Foto: Fotostudio Wierd
Deel 40 gaat over de uitgesproken kattenliefde van de eerste burgemeester van Lelystad.
 

Burgemeester Hans Gruijters stond bekend om zijn grote liefde voor katten. Hij had een huis vol. ‘Elke zwerfkat kon bij hem terecht’, schrijft Klaas Tammes in zijn biografie. Dit leidde tot een snel gevulde en loodzware container door het intensieve gebruik van de kattenbak. Gruijters vroeg bij de gemeentelijke afdeling Reiniging om een tweede container, wat formeel niet toegestaan was. Toch maakte het toenmalige hoofd van de afdeling, Bouwe van der Weide, een uitzondering vanwege de kattenliefde van Gruijters.

Gruijters’ toewijding aan katten ging ver. Als een kat wegliep, liet hij zijn chauffeur met de koplampen over het grasveld schijnen in de hoop de kat terug te vinden. Tijdens een rit naar Amsterdam met vriend Rob Nijhoff, dacht hij een kat vast te zien zitten in prikkeldraad en klom over een hek om het dier te redden. Het bleek echter een stuk zwart landbouwplastic te zijn.

Zijn liefde voor katten was zo bekend dat kinderen soms met een verdwaalde poes naar het stadhuis kwamen in de hoop dat de burgemeester haar zou adopteren. Een kat meer of minder maakte voor Gruijters geen verschil. Toen hij in De Telegraaf las over een weggelopen kat in een asiel waarvoor niemand wilde betalen, maakte hij direct geld over om voor de kat te zorgen. De krant meldde de volgende dag dat een anonieme gulle gever zich had gemeld. Later bleek dit Gruijters te zijn geweest, aldus voormalig wethouder Bas Jan van Bochove.

Bron: Een verdwaalde intellectueel, Klaas Tammes, 2020

error: Content is protected !!